icon_kws

De Vereniging

Naar de KWS Verenigingsite

icon_uitslagen

Uitslagen

Uitslagen 84e Sneekweek

De Zestienkwadraat gaat nooit verloren

De Zestienkwadraat gaat nooit verloren

Er zijn boten die in geen enkele Sneekweek hebben ontbroken. De Zestienkwadraat is sinds 1934 van de partij, maar de klasse houdt de vinger aan de pols.

 

 

Zo ‘gek’ als dertig, veertig, vijftig jaar geleden zal het nooit meer worden. Decennia achtereen voeren meer dan honderd Zestienkwadraten mee in de Sneekweek. Net als overal in de zeilsport is het aantal deelnemers in deze eeuw teruggelopen, maar ‘de boot voor de gewone man’ – in 1931 ontworpen door de Burgumer kapper Hendrik Bulthuis – zal het eeuwfeest vast wel in goede gezondheid halen.

 

 

Tijdens deze editie van de Sneekweek varen dertig Zestienkwadraten mee. Dat kon slechter, maar ’t kon ook beter, zeggen Klaas ’t Hoen en Jaap Jongsma. De 38-jarige ’t Hoen is wedstrijdsecretaris van de klasse-organisatie, die ongeveer 290 leden telt. Hij is voormalig Europees kampioen in de Splash en tweevoudig Nederlands kampioen in de Zestienkwadraat. Twee jaar geleden won hij met zijn partner, voormalig kernploeglid Brechtje van der Werf uit Sneek, ook het NK-sprint. Op zijn palmares prijken twee Sneekweek-titels.

 

 

Jaap Jongsma (56) is volledig met de ‘kwadraat’ vergroeid. De zeilmaker uit Sint Nicolaasga voer 41 jaar geleden, met zijn vader Joop, voor de eerste keer mee in de Sneekweek. Jaap Jongsma won de Sneekweek zes keer en heeft zijn vrouw en kinderen met ‘het virus’ besmet. Zoon Jens vaart deze week mee als adviseur op het skûtsje van Heerenveen, maar ook met dochter Janniek doet de in Lemmer opgegroeide Jongsma mee om het wandbord. Wat lichtjes steekt, is dat hij nooit de nationale titel wist te veroveren.

 

 

Jongsma ziet natuurlijk dat het aantal inschrijvingen terugloopt. ,,Tot zes jaar geleden hadden we in het noorden de Bulthuis-groep, een behoorlijk fanatiek clubje’’, zegt hij. ,,Voor sommige series moesten we wel tachtig boten indelen. Nu komt ’t voor dat er zich voor een evenement maar tien mensen aanmelden. Dat is absoluut niet de norm hoor, maar als je weet dat de vloot zo’n honderd actieve wedstrijdzeilers telt…’’

 

 

,,Dertig in de Sneekweek vind ik ook te weinig’’, aldus ’t Hoen. Hij weet oorzaken. ,,De mensen hebben het steeds drukker en er is veel meer te doen dan vroeger.’’ Jongsma: ,,De wedstrijdagenda is erg vol, maar het lukt vrijwel niemand meer om in de zomer elk weekeinde te zeilen. Ik ben zelf ook selectief geworden.’’

 

Maken ze zich ongerust over de toekomst van hun klasse? ,,Ja’’, zegt Jongsma. ,,De Pampus-klasse is momenteel de grote spons, die zuigt heel veel zeilers op. De Regenboog-klasse ondervindt daar ook last van.’’

 

 

’t Hoen: ,,Ik maak me daar minder zorgen om. Ik zie het als een golfbeweging, alle klassen krijgen daar mee te maken. De Pampus bevindt zich nu op de top van de golf, de Zestienkwadraat zit zo’n beetje halverwege, zéker niet op de bodem.’’

 

,,Wij zullen altijd in trek blijven, al was het alleen maar dat je de ‘kwadraat’ samen met je vrouw kunt zeilen, of met een onervaren fokkemaat. De boot is laagdrempelig. Tevens vind je ons op vele plaatsen en de Pampus vooral in Loosdrecht en Sneek. Wat ze wel knap hebben gedaan, is goeie, jonge zeilers aan zich binden. Maar laten we over vijf tot zeven jaar weer eens zien hoe de klasse er voorstaat.’’

 

 

Jongsma: ,,Ik heb in beide boten gezeild en ik moet zeggen dat de Zestienkwadraat fijner vaart. Een Pampus is alleen leuk met licht weer.’’

 

Maar we moeten niet alleen naar een ander kijken, stelt ’t Hoen. ,,Het mag niet gebeuren dat we al elf jaar geen NK op het Sneekermeer hebben gehad. De zeilers vinden het hier niet gezellig genoeg. Daar kun je zelf genoeg aan doen. Ik vind dat je, gezien de kwaliteit van het wedstrijdwater en van de organisatie, je zeker eens in de vier, vijf jaar ‘op’ Sneek moet varen.’’

 

,,We moeten de jeugd aan ons zien te binden’’, zegt Jongsma. ,,Ja, laat ons dan een ‘ouderwetse’ boot zijn, maar duur is-ie niet en hij is uitdagend genoeg. We zien steeds meer jonge zeilers op een skûtsje stappen, maar de verbinding is daardoor niet verbroken. We moeten er scherp op zijn dat we die zeilers terugkrijgen in de Zestienkwadraat als ze aangeven weer in een open klasse te willen varen.’’

 

 

Om het niveau op te krikken, is ook de Zestienkwadraat-klasse begonnen met het geven van trainingen. ’t Hoen: ,,Een topzeiler als Thijs Kort is daarbij betrokken en dat is een goede zaak. Ook elders in het land worden trainingen verzorgd.’’ Jongsma: ,,Dat mannen als Thijs, zijn broer Erik en nu ook Maarten Jamin in de ‘kwadraat’ varen, is prima voor de uitstraling van de klasse. Tegelijkertijd moet je zorgen dat je een brede top krijgt, anders wordt het te eenzijdig en loop je de kans dat zeilers daardoor afhaken.’’

 

 

Dat er al ruim tien jaar geen nieuwe Zestienkwadraat is gebouwd, verontrust ’t Hoen en Jongsma niet. ,,Het is een tendens in de hele zeilerij dat boten worden opgeknapt. Een voordeel is dat je een ‘kwadraat’ voor relatief weinig geld kunt vernieuwen. Maar’’, zegt Jongsma, ,,ik ben wel eens bang dat de jeugd liever z’n geld steekt in een nieuw mobieltje dan in het opknappen van een boot.’’

 

 

Het NK sprint voorziet ook binnen de Zestienkwadraat in de moderne behoefte aan ‘korter en sneller’. ’t Hoen: ,,En het voordeel van dat concept is ook dat je de kleinere locaties weer tot leven kunt wekken. We hebben het nu drie jaar gedaan en de animo groeit nog steeds.’’ Voor het ‘grote’ NK hopen de twee op zeker vijftig teams. Jongsma: ,,55 boten zou vanzelfsprekend moeten zijn.’’ ’t Hoen: ,,Ik denk dat we ooit wel weer de 75 gaan halen.’’

 

 

Door Peter van der Meeren/Leeuwarder Courant